Ga naar de homepage
 
 
Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in LuandaPortuguês-English
 
 
 
 
 
 
Homepage > Cultuur
Cultuur

Het volgende artikel is afkomstig uit het boekje ‘onvermoede banden’ dat verscheen te ere van het dertig jarig bestaan van diplomatieke relaties tussen Nederland en Angola. Het laat zien dat er onvermoede culturele banden bestaan tussen onze twee naties via het verhaal van drie Angolese artiesten die in Nederland wonen, Nederlands voetbal in Angola en Angolees voetbal in Nederland.


Drie Angolese Artiesten in Nederland

Das Primeiro, Antognoni Brunhoso en Carlos Monteiro zijn drie Angolese artiesten. Sinds vele jaren zijn zij woonachtig in Amsterdam. Opvallend is dat ze allemaal op toevallige wijze in Nederland terecht zijn gekomen. Na te zijn aangekomen in Portugal kwamen ze in aanraking met het Amsterdamse artistieke leven en besloten daar te blijven.

Das Primeiro is de artiestennaam van de in Luanda geboren rapper Rui Henriques Fragaso da Silva. Toen hij 16 jaar oud was, verhuisde hij met enkele familieleden naar Portugal. Gedurende twee jaar trad Das Primeiro op in Portugal met de hiphopgroep Soweto Boys. In 1993 ging Das Primeiro op bezoek bij vrienden in Nederland. Hij besloot in Nederland te blijven en leerde Nederlands en Engels. Tegelijkertijd volgde hij een opleiding sociaal juridische dienstverlening. Zijn muzikale talent resulteerde in de single ‘Liberdade’, ofwel ‘Vrijheid’, die in 2002 uitkwam. De clip van deze single werd vertoond op televisie in Nederland, Angola en Portugal. In 2005 bracht Das Primeiro de CD Terapia (‘Therapie’) uit. Naast hiphop zijn op dit album invloeden van verschillende muziekstijlen te horen. Zo zijn er invloeden van Kaapverdiaanse morna, Angolese semba, Braziliaanse samba en bossa nova, jazz, reggae en andere stijlen.

Antognoni Brunhoso woont sinds 1988 in Amsterdam. Hij is kunstschilder. Vanwege de burgeroorlog vluchtte Brunhoso uit Angola toen hij 16 jaar oud was. Hij vertrok naar Portugal, waar hij in Porto aan de kunstacademie studeerde. Evenals Das Primeiro ging Brunhoso op bezoek bij vrienden in Nederland en besloot er te blijven.

Carlos Monteiro is muzikant en schilder. Zijn hart gaat uit naar de muziek. Meestal werkt hij op freelance basis. Hij verzorgt optredens, componeert en maakt arrangementen van muziekstukken. Hij doet ook veel studio-werk. Verder is hij bezig met het oprichten van een band die Das Primeiro tijdens zijn optredens gaat begeleiden. Als schilder maakt hij portretten van Angolezen, maar hij maakt ook abstracte schilderijen. Monteiro woonde voordat hij naar Nederland ging een lange tijd in Portugal. ‘Eigenlijk wilde ik toen naar Amerika gaan. Ik wilde aan een conservatorium studeren en ik had gehoord dat de beste conservatoria in Berkeley zaten. Helaas had ik geen geld om naar Amerika te gaan. Toen ik hoorde dat er ook een goed conservatorium in Nederland was, ben ik hierheen gekomen. Ik ben dus aan het conservatorium in Rotterdam gaan studeren. Hier in Nederland ben ik verliefd geworden op een Nederlands meisje. Een combinatie van de liefde voor haar en voor de muziek is de reden waarom ik in Nederland ben gebleven.’

Das Primeiro probeert als artiest het imago van Angola in Nederland te  vertegenwoordigen. Bij zijn optredens neemt hij daarom altijd symbolen mee die zijn land representeren, zoals de Angolese vlag. Das Primeiro is ook voorzitter van een organisatie voor Angolezen in Nederland, de União Angolana. De União Angolana organiseert activiteiten die een positief beeld geven van Angola. De activiteiten zijn bedoeld voor Nederlanders en voor Angolezen. Das Primeiro vindt het belangrijk dat mensen een positief beeld van Angola hebben, omdat een negatief beeld van een land volgens hem altijd nadelig is voor de bevolking van dat land. ‘Door een positief beeld van Angola uit te dragen, geef ik mijn publiek de mogelijkheid te ontdekken dat Angola meer is dan een derdewereldland met een lang oorlogsverleden’, aldus Das Primeiro. De invloed van de Nederlandse cultuur op Das Primeiro uit zich het meest in zijn manier van denken: ‘Sinds ik in Nederland ben, ben ik erg nuchter gaan denken. Ik kan nu dingen relativeren. Ik ben ook veel directer geworden, veel meer confronterend. Ik heb een eigen mening, en ik ben niet bang om die kenbaar te maken. Deze directheid komt terug in mijn muziek en in mijn werk als voorzitter van de União Angolana.’ Door deze invloed beschouwt Das Primeiro zijn muziek als Angolese muziek met een Nederlands smaakje.

Ook Brunhoso merkt de grote invloed die Nederland heeft op zijn werk. ‘Mijn werk wordt zeker beïnvloed door Nederland. Er is hier een schilderstraditie; eeuwen geleden woonden er al schilders in Amsterdam. Hierdoor is er in Amsterdam ruimte voor kunstschilders. De mensen hier staan meer open voor nieuwe dingen, waardoor ik dus ook sneller iets nieuws kan proberen. Ook is het hier  makkelijker om aan schildersmaterialen te komen dan in bijvoorbeeld Portugal. Een bijkomend voordeel is dat er voor mijn werk makkelijker deuren open gaan naar andere Noord-Europese landen, zoals Denemarken en Zweden.’ Brunhoso beschouwt zijn werk niet als typisch Nederlandse of typisch Angolese kunst. ‘Ik beschouw mijn werk eerder als moderne kunst, als ‘modern art’. Schilderen zie ik als een natuurlijke manier om mijzelf uit te drukken.’ Zijn Afrikaanse culturele achtergrond wordt door zijn  bewonderaars direct in verband gebracht met de Afrikaanse elementen in zijn schilderijen, omdat Brunhoso geboren en opgegroeid is in de binnenlanden van Angola. ‘Mijn bewonderaars zien mijn werk wel als ‘echt’ Afrikaans. Er zijn dus verschillen in hoe ik mijn schilderijen zie en hoe mijn werk ontvangen wordt.’ Brunhoso omschrijft zijn werk als het schilderen van paradoxen. Paradoxen zijn beelden die lijken op wat ze uitbeelden, maar dit in werkelijkheid niet zijn. Daardoor duurt het een poosje voordat de persoon die de schilderijen ziet in de gaten heeft dat wat het schilderij echt laat zien, niet is wat de toeschouwer verwacht. Een ander thema dat regelmatig in

zijn werk terugkeert is de metamorfose. Door middel van metamorfoses beeldt Brunhoso de evolutie van het menselijk leven uit. De boodschap van zijn werk is dat wat vandaag echt lijkt, morgen een leugen kan zijn.

Carlos Monteiro voelt zich voor een deel Nederlander. ‘Nederland oefent een culturele invloed uit op mijn werk, maar ik kan niet zo goed aangeven hoe je die invloed zou kunnen herkennen in mijn werk’, aldus Monteiro. Hij beschouwt zijn muziek voor 70 % als Angolees. De andere 30 % komen uit de jazz en uit de wereldmuziek; voornamelijk uit Cubaanse en Latijns-Amerikaanse muziek. Dat waren dan ook zijn studierichtingen aan het conservatorium in Rotterdam. ‘Ik kan dus niet zeggen dat ik mijn muziek als Nederlandse muziek beschouw, omdat jazzmuziek en wereldmuziek niet Nederlands zijn. Eigenlijk vind ik dat er heel weinig traditie in Nederland is als het gaat om muziek: wat is nou eigenlijk ‘typisch’  Nederlandse muziek?’ In zijn schilderijen is de Nederlandse invloed veel groter. ‘Er zijn wel duidelijke Nederlandse kenmerken in mijn schilderijen te herkennen, omdat ik gek ben op Nederlandse schilders, zoals Van Gogh.’ Het duidelijkste ‘typisch Nederlandse’ kenmerk in het algemeen waar hij door beïnvloed wordt is ‘de strakheid, het op tijd zijn, het disciplinaire aspect.’ Ook de Nederlandse openheid heeft hij overgenomen.



Nederlands voetbal in Angola en Angolees voetbal in Nederland

Op zondagmiddag gaat menig hart sneller kloppen in Angola. Als de scheidsrechter het fluitsignaal geeft waarmee de wedstrijd kan beginnen, komen er veel spelers in actie.

Voetbal is een populaire sport in Angola. In het hele land zijn er enorm veel voetballers die ieder met veel enthousiasme hun sport beoefenen. Je moet dan niet denken aan een keurig veld, 22 spelers en wat scheidsrechters. Nee, er wordt in Angola gevoetbald waar er gevoetbald kan worden. De hoogste afdeling, de Premier Leaque, is echter op professionele basis geschoeid. Het merendeel van deze clubs heeft een eigen trainingscentrum, inclusief een medische afdeling en een fitness centrum. De spelers van deze club zijn full professional en trainen één tot tweemaal per dag. Jan Brouwer werkt sinds vier jaar als voetbalcoach in Angola. Hij kwam in Angola na gewerkt te hebben als coach van het nationale elftal van Zambia. Eerst coachte Brouwer de club Petro Atlético gedurende twee jaar, vervolgens is hij de voetbalclub 1º de Agosto gaan coachen, de club van het leger. Beide clubs zijn afkomstig uit Luanda. Hiervoor trainde Jan Brouwer onder meer de prof clubs Anderlecht in België en Fortuna, Helmond Sport, Willem 2 en FC Volendam in Nederland. Er is in Nederland weinig bekend over het Angolese voetbal. De kwalificatie voor het WK zal Angola wat nadrukkelijker op de wereldkaart zetten. In de voorronde van het WK versloeg Angola onder andere Nigeria. Brouwer vindt dat het feit dat er Angolese voetballers op hoog niveau in Nederland hebben gespeeld, ook bijdraagt aan de bekendheid van het Angolese voetbal in Nederland.

‘Als er goede Angolese voetballers zijn, realiseren de Nederlandse voetballiefhebbers dat Angola ook een voetballand is, waardoor er meer belangstelling voor het Angolese voetbal komt.’ Kito en Moreno, twee spelers die nu in Brouwer’s 1º de Agosto spelen, hebben in Nederland op professioneel niveau gevoetbald. Kito speelde bij FC Heerenveen en FC Emmen; Moreno bij FC Cambuur. Nando Rafael, een andere van oorsprong Angolese voetballer, speelde tussen 1995 en 2002 bij Ajax en speelt nu bij Hertha Berlin in Duitsland. Brouwer wil actief meehelpen het imago van Angola te verbeteren door middel van voetbal. ‘Ik train geen nationaal team, maar het nationale team wordt gedragen door de clubteams. Als het niveau van de clubteams verbeterd wordt, zal het niveau van het nationale team ook verbeteren. De spelers uit het nationale elftal komen immers uit de verschillende clubs. Bij mijn vorige club Petro Atlético maakten zes spelers deel uit van het NationaleTeam, mijn huidige club levert twee spelers. Door het trainen van clubteams in Angola tracht ik dus een bijdrage te leveren aan het verhogen van het spelniveau, dat werkt dan weer positief voor het Nationale Team en kan bijdragen tot verbeteren van het imago van Angola. Het wereld kampioenschap in Duitsland vormt hiervoor een ideaal platform.’

Aan de andere kant voelt Brouwer het ook als zijn taak om het Nederlandse voetbal te promoten in Angola. ‘Als je als Nederlandse coach of als Nederlandse speler goed presteert, kunnen er in de toekomst vaker Nederlanders in Angola coachen of voetballen. Ik ben de eerste Nederlandse trainer in Angola, dus ik verkoop als het ware het product ‘Nederlands voetbal’ in Angola. Daarom beschouw ik mijzelf als een vertegenwoordiger van het Nederlandse voetbal.’ Het Nederlandse voetbal staat volgens Brouwer hoog aangeschreven bij het Angolese publiek. Het staat bekend om het aanvallende en publiekvermakende spel. Een verschil tussen het Angolese voetbal en het Nederlandse voetbal is dat het spel in Angola meer gebaseerd is op het individu, terwijl het spel in Nederland meer gebaseerd is op het team.

Brouwer wil daarom meer benadrukken wat de rol van de spelers ten opzichte van elkaar in het veld is en het Angolese team meer teamdiscipline bijbrengen. Eén van de verschillen in de voetbalcultuur tussen Nederland en Angola is onder meer de beleving van de supporters. ‘In Angola is de uitslag van een wedstrijd het enige dat telt voor de supporters, wanneer je wint is alles goed, wanneer je verliest kijk dan maar uit. Voornamelijk de coach wordt afgerekend op het resultaat, zowel positief als negatief. Nederlandse voetbalsupporters zijn daarentegen veel realistischer. In Nederland weten de supporters veel beter wat haalbaar voor een team is en wat niet. Supporters in Nederland weten dat een klein team niet zo gauw landskampioen zal worden. In Angola beseffen de supporters dat veel minder.’ Brouwer vindt dat er in Angola erg veel aandacht voor sport is. Tweemaal per week komt er een speciale sportkrant uit en er is een aparte radiozender die 24 uur per dag de verschillende sporten beschouwt. In Nederland is er eveneens veel aandacht voor sport, maar dit laatste fenomeen kent men niet. Voetbal is dus overal ter wereld hetzelfde spelletje, maar toch wordt er overal anders gespeeld en mee omgegaan. Maar overal blijkt voetbal een fantastisch vehikel te zijn om bruggen te slaan tussen mensen en culturen.

bannertimeisnow2.jpg (3 Kb)
buza.gif (6 Kb)
wijsopreis.jpg (3 Kb)
Link: EVD